Volgens Teun kan hij daar nooit gereden hebben

De 64-jarige Teun komt op 12 januari 2019 terug van zijn vakantie in Málaga, Spanje. Hij landt op Eindhoven Airport, maakt gebruik van een transferbusje naar de parkeerplaats waar zijn auto staat en rijdt vervolgens terug naar Breda. Hij passeert omstreeks kwart voor één knooppunt Sint Annabosch. Hier negeert hij een rood kruis en rijdt zelfs door pionnen heen, waar mensen zouden kunnen werken. Hij ontvangt hier een stevige boete voor, maar maakt bezwaar. ,,Er staat in het proces verbaal dat de auto richting Tilburg reed, over de A27. Dat vind ik raar, daar zijn wij nooit geweest”, zegt hij.

Hij belde Rijkswaterstaat, onderzocht de hectometerpaal waar aan wordt gerefereerd. ,,Ik heb namelijk geen werkzaamheden gezien en ik ben nooit op de plek geweest waar mijn auto gezien zou zijn. Ik kwam vanuit Eindhoven en verliet de A58 pas bij de A16, want ik woon in Breda-West.”

Teun heeft een aantal bewijzen bij zich. De boardingpass, die hem van Malaga naar Eindhoven bracht. De factuur van de parkeerplaats in Oirschot. Hij heeft bovendien een overzichtsfoto van Google Maps bij zich, om aan te tonen dat het ‘totaal niet logisch’ is dat hij daar gereden zou hebben. ,,Want dat zou totaal niet logisch zijn.”

Hij laat het zien aan de rechter en officier van justitie. Drie heren gebogen over het a4’tje, om een goed overzicht te krijgen. ,,Er zou bovendien een foto gemaakt zijn van mijn auto”, gaat Teun verder. ,,Dus die wilde ik wel zien. Ik heb de politie gebeld, en wat blijkt? Die foto blijkt helemaal niet te bestaan.”

Het vliegtuig van Teun vertrok om 8 uur vanuit Malaga. De vlucht duurde zo’n twee en een half uur. ,,Dan moet je wachten op je koffers en daarna wachten op de bus naar Oirschot”, probeert hij de kwart voor één ’s nachts te verklaren.

Dat er een wegafzetting was, kan bewezen worden. Er kan echter niet honderd procent uitsluitsel gegeven dat Teun er gereden heeft. Er is een Toyota gezien, met het nummerbord. Dat Teun daar precies op dat moment met eenzelfde auto reed zou ook toeval geweest kunnen zijn. ,,Maar het geeft me alsnog teveel twijfel. Niet aan de agent, niet aan zijn observatie, wel of u het was die daar reed”, zegt de rechter. En dat betekent: vrijspraak.

Opgejut door z’n passagiers

Het is 9 juni 2014, vijf uur ’s nachts. De 19-jarige Kevin is nuchter en rijdt z’n beschonken vrienden naar huis. Op de Emerparklaan merken ze op dat er een politieauto achter ze rijdt. Kevin versnelt in paniek en raakt van de weg af. Hij rijdt een paaltje aan, komt via de groenstrook op het fietspad en belandt uiteindelijk in een sloot. De politie houdt alle inzittenden aan en Kevin wordt als bestuurder als schuldige aangewezen. “U had op het moment dat de politie achter u reed toch niets fout gedaan? Was het stoerdoenerij? Angst? Waarom reed u zo hard weg?” Kevin weet het niet goed. “Ik schrok van de politie. M’n vrienden riepen dat ik hard moest wegrijden. Dat leek me een goed plan, ik vond het doodeng en het was dan ook zeker geen stoerdoenerij”, vertelt hij op monotone toon.

“Ik zie dat u nog boetes heeft openstaan voor te hard rijden?”, geeft de rechter Kevin alle ruimte. “Klopt, dat was een tijdje geleden. Papa ging naar huis met de auto, ik met de scooter en ik wilde eerder thuis zijn. Stom van me”, legt Kevin zuchtend uit. “U houdt van snelheid?”, vraagt de Officier van Justitie zich af. “Nee, dat heeft er niets mee te maken. Met m’n Twingo kan ik sowieso niet hard rijden. Dit was een achtervolging met politie, ik vond dat geen pretje”, reageert Kevin.

“Hoe is uw financiële situatie momenteel? Ik zie dat die openstaande boetes moeilijk gaan”, vraagt de Officier zich af. “Dat gaat niet goed. Ik werk bij Domino’s, maar alleen als de 16-jarige jongetjes zich ziek melden, word ik als oudere opgeroepen. Veel geld verdien ik dus niet. Ik ben gestopt met m’n studie. Na m’n eerdere veroordeling heb ik een cursus gevolgd om de rust te bewaren in het verkeer, dat helpt. Ik hoop dat u me geen rijontzegging oplegt, want…” en de jongen hapert. Z’n advocaat maakt z’n zin af: “Tja, er is bij de zus van Kevin kort geleden borstkanker geconstateerd. Ze moet daarom vaak naar Utrecht gebracht worden voor bestralingen en ze wil graag dat Kevin dit doet. Zij zijn close met elkaar, de relatie met de ouders is niet erg goed”, vertelt hij.

De rechter bepaalt: Kevin krijgt 20 uur werkstraf en een maand voorwaardelijke rijontzegging. De vader van Kevin zit ook in de zaal en zit er totaal ongeroerd bij. “Ik heb trouwens nog een vraag”, zegt hij uit het niets. “Ik wil de auto op zijn naam zetten, maar schijnbaar was dat afhankelijk van uw uitspraak. Mag ik de auto nu op zijn naam zetten?” De rechter lijkt verbouwereerd om het feit dat dit schijnbaar de voornaamste zorg is van de vader. “Géén idee, u mag altijd een auto op zijn naam zetten, daar heb ik niets over te zeggen.”