Huey and the New Yorkers - Say it to my Face

Huey Morgan & The New Yorkers – Say it to my Face

Huey, da’s Huey Morgan. Die zul je kennen als die coole frontman van Fun Lovin’ Criminals en met Say It To My Face debuteert Morgan op 44-jarige leeftijd als soloartiest. De sound van de Fun Lovin’ Criminals is nooit erg ver weg, Say It To My Face is immers niet wezenlijk verschillend en Morgans nogal karakteristieke stemgeluid heeft daar uiteraard ook mee te maken. Maar waar de Fun Lovin’ Criminals sinds hitalbum Come Find Myself (1996 alweer) hele stabiele, hele aardige, maar bepaald geen urgente albums meer afleveren, lukt Morgan dat met ondersteuningsband The New Yorkers wel. Op Say It To My Face is Morgan zichzelf; Een stoere, immer coole maar toch ook gevoelige man. Het album is een stuk gelaagder en interessanter dan de toch wat voorspelbare sound van de Fun Lovin’ Criminals.
Meer lezen

Muse - The 2nd Law

Muse – The 2nd Law

Groot, grootser, grootst. Met The Resistance wist Muse wereldwijd een stadionband te worden. Een logisch gevolg: Debuutplaat Showbiz was een goed rockalbum, op Origin Of Symetry liet Muse vervolgens een fantastisch eigen geluid horen en het album groeide uit tot regelrechte klassieker. Met Absolution en Black Holes And Revelation werd de sound alleen maar grootser en op The Resistance hadden de Britten ook een echt hitalbum te pakken.
Meer lezen

Kaizers Orchestra - Violeta Violeta II

Kaizers Orchestra – Violeta Violeta II

Het gebeurt nog steeds: Het spreiden van releasedata. Het tweede deel van het drieluik Violeta Violeta van het Noorse Kaizers Orchestra kwam op 11 november uit in Noorwegen en op 20 januari in de rest van Europa. Onbegrijpelijk natuurlijk, het materiaal is sinds 11 november dus vrijgegeven en internet zorgt wel voor de rest. Potentiële kopers van dit album kennen het nieuwe materiaal dus al en dat zal de verkoop allerminst stimuleren.
Meer lezen

REM - Part Lies

R.E.M. – Part Lies, Part Heart, Part Truth, Part Garbage, 1982-2011

En toen was daar ineens het nieuws: R.E.M. stopt ermee. Geen afscheidstournee, gewoon een resolute stop. En zo hoort het eigenlijk ook. Na ruim 30 jaar is het genoeg geweest voor zanger Michael Stipe, gitarist Peter Buck en bassist Mike Mills en gaan zij hun eigen weg. Wat rest is een ultieme best-of, in de vorm van Part Lies, Part Heart, Part Truth, Part Garbage 1982 -2011, die we vanaf nu gewoon Best Of zullen noemen.
Meer lezen

Elbow - build a rocket boys!

Elbow – build a rocket boys!

Paar vragen vooraf bij het bekijken van Elbow’s Build A Rocket Boys! – Dutch Festival Edition. Het oorspronkelijke album verscheen in maart van dit jaar en haalde vrijwel alleen lovende kritieken. Het leek platenmaatschappij Polydor een leuk idee om het album opnieuw uit te brengen, met een tweede schijfje dat live-nummers bevat van de optredens van Elbow op Lowlands en Pinkpop. De paar vragen dan: Waarom slechts vijf live nummers? Waarom alleen nummers van Build A Rocket Boys! en niets van dat nóg sterkere album The Seldom Seen Kid? Een mini best-of was natuurlijk best leuk geweest.
Meer lezen

Fata 'El Moustache' Morgana

Fata ‘El Moustache’ Morgana – Fata ‘El Moustache’ Morgana

Het Amsterdamse vijftal Fata ‘El Moustache’ Morgana heeft al twee ep’s op haar naam staan en komt nu met een titelloos album. Ze pretenderen nogal wat op hun site, want –zoals zoveel bands roepen- hebben zij “lak aan genres en concepten” en zijn ze “allesbehalve mainstream”. Ze hebben een “beruchte energieke liveshow voor steevast dampende zalen” en deze debuut-cd is “een opzwepend, schizofreen geheel met de ballen van punk, en de moves van disco”. De vijf stellen zich ook voor met hun bijnamen. We stellen voor: Drummer Papi, bassist Tjappen, gitarist Botsauto, orgelspeler The Rocket Launcher en zanger Het Luxepaardje. Toegegeven en helaas; ze zorgen er op die manier wel voor dat je werkelijk geen enkele verwachting hebt.
Meer lezen

The Prodigy - World's on Fire

The Prodigy – World’s On Fire

Op 24 juli 2010 gaf The Prodigy haar grootste optreden ooit, in het Britse Milton Keynes. Met Chase & Status, Pendulum, Enter Shikari, Does It Offend You, Yeah? en Zane Low als voorprogramma’s werd het concert ook omgedoopt tot het Warriors Dance Festival, met The Prodigy als absoluut hoofdprogramma. Liefst 65.000 fans waren getuige van dit spektakel en het concert is nu uitgebracht op dvd, World’s on Fire.

Maar liefst twintig full-HD camera’s filmden het concert in 5.1 surround sound en de film werd éénmalig vertoond in vijf Pathé-bioscopen in Nederland. Dat moet letterlijk een schokkende ervaring zijn geweest, The Prodigy live vanuit je bioscoopstoel. Razendsnelle camerawisselingen, de ene keer in kleur en de andere keer in zwart/wit, bijzondere camera-effecten, ingezoomd, heel ver ingezoomd en weer uitgezoomd en dat soms meerdere keren per seconde, echt rustig naar een concertfilm kijken zit er dus niet in.

Energie is eigenlijk hetgeen we te zien krijgen op deze dvd. Een fraai voorbeeld hiervan is ‘Smack My Bitch Up’, waar MC Maxim het publiek oproept gehurkt te blijven totdat de beat inslaat. Het publiek gehoorzaamt en de ontploffing die volgt als de beat eenmaal komt, is magistraal en enorm energiek. De voornaamste aankleding op het podium is een auto, maar verder visueel spektakel huist ‘m alleen in een lichtshow. Met een setlist die knallers als ‘Breathe’, ‘Smack My Bitch Up’, ‘Voodoo People’, ‘Firestarter’, ‘Out Of Space’, ‘Wheater Experience’ en overwegend nummers van Invaders Must Die bevat, is meer ook niet nodig. Het concert verveelt op die wijze geen moment en het inzoomen op het soms wat agressieve publiek versterkt de energie wel degelijk.

Als extraatje is er de Invaders Alive DVD, met wat tour-footage. We zien de leden van The Prodigy backstage en op stap in de speelstad, ondersteund door een Prodigy-nummer. Totaal oninteressant. Het wat relevantere extraatje is dat het concert in Milton Keynes ook op cd bijgevoegd zit.

World’s on Fire is een energieke registratie van een live-act die al ruim twintig jaar vele zalen en festivalweides onveilig maakt. Een onbetwiste headliner en een garantie voor een feest. Die energie wordt uitstekend gevangen op deze dvd, maar de kijker houdt er wel vermoeide ogen aan over.

De Staat - Machinery

De Staat – Machinery

In 2008 verscheen Wait for Evolution van De Staat en dat bleek een nogal briljant album. De pers reageerde lovend op deze Excelsior-release en de band brak dan ook flink door, resulterend in optredens op Lowlands en Pinkpop. Internationaal ging het De Staat ook behoorlijk voor de wind, men tourde met dEUS door Engeland en stond op het Sziget-festival in Hongarije. De internationale doorbraak werd verder gevoed, door Wait for Evolution ook in andere landen uit te brengen en in 2010 staat De Staat zelfs op het Engelse Glastonbury. Inmiddels is De Staat getekend door het wat internationalere Mascot Records.

Pfoei, ga er maar eens aanstaan. Frontman Torre Florim was het brein achter Wait for Evolution, had het album min of meer solo in elkaar gesleuteld en een opvolger na zó’n overweldigend succes is een lastige opgave. De Staat bevestigt echter haar talent, want met Machinery overtreft men zichzelf. Torre Florim heeft de touwtjes niet meer zo stevig in eigen handen, maar heeft met Machinery meer een band-album gemaakt. Meer invloeden, meer afwisseling, meer ideeën en meer zichzelf. Werd bij het debuut Queens of the Stone Age nogal als vergelijkingsmateriaal gebruikt, op Machinery distantieert de band zich daar wat meer van, zonder aan diezelfde kracht in te boeten.

Machinery opent ijzersterk met ‘Ah I See’, single ‘Sweatshop’, het fijn gekozen rustmomentje in het mooie ‘Ill Never Marry You’ en het zeer rauwe ‘Old Macdonald Don’t Have No Farm No More’. ‘Sweatshop’ is een prima single-keuze, want het nummer grijpt je direct, mede doordat niet alleen Florim hierop zingt. Ook de stem van de betrekkelijk onbekende Kelly Thijssen (ze is de helft van electropop-duo Routines) is te horen en geeft het nummer veel extra glans.

Invloeden als QOTSA, Prince (‘I am a Rat’), Nick Cave (‘Keep me Home’) en dEUS zijn er nog in overvloed. De samensmelting van dit soort artiesten is razend interessant, want hoewel variërend, is het toch weer een eenheid. Enige kritiekpunt is dat het ijzersterke begin niet gecontinueerd blijft tot het einde. ‘Tumbling Down’, ‘Psycho Disco’ en ‘Back to the Grind’ zijn nog hoogtepunten, maar zo goed als die eerste vier nummers wordt het niet meer. De Staat overtreft zichzelf echter wel met Machinery. Die internationale doorbraak komt er op deze manier zeker.