Overvolle afrit: dan moet je de volgende maar pakken

De 25-jarige Fay wilde op 3 oktober 2018 vanaf de A16 afslaan naar haar woonplaats Prinsenbeek. Het is half 6 ’s avonds, spitstijd en wel meer mensen willen deze afslag nemen. Er ontstaat wat filevorming voor het stoplicht bij de Backer en Ruebweg en die file loopt tot de snelweg. Diverse bestuurders kiezen voor een plekje op de vluchtstrook, om de A16 zelf te ontzien. Fay sluit hier achteraan en begaat daarmee een fikse verkeersovertreding Ze ontvangt een boete van 380 euro.

,,Iedereen ging erin staan. Voor mij, achter mij. Als ik door zou rijden, zou ik flink moeten afremmen op de snelweg; dat durfde ik niet goed. Het was druk en onoverzichtelijk, dit leek me de meest veilige optie; gewoon meegaan met de rest. Het is een splitsecond, ik moest snel beslissen en besloot erbij te gaan staan”, legt ze uit. De rechter geeft al snel aan dat zij niet de enige is met een boete: iedereen die daar stond ontving een prent.

Fay ziet het tafereel vaker gebeuren, als ze op de voetgangersbrug loopt. Het is misschien wel dagelijkse kost rond dit tijdstip. Ze weet nog altijd niet goed wat ze een volgende keer anders zou kunnen doen, daar denkt ze al een tijdje over na. ,,Momenteel rijd ik ook een stuk minder met de auto, ik heb een baan gevonden die beter met de trein bereikbaar is, dus kom ik nu ook niet meer in deze situatie.” Wat haar steekt is dat deze boete zo hoog is. En dat het onder ‘huftergedrag’ valt. ,,Zo voel ik dat niet, ik deed juist wat ik dacht dat het beste was.”

De officier van justitie begrijpt dat het geen ideale situatie is. ,,Ik vrees dat je in het vervolg dan maar een afslag later moet nemen. Dat is enorm vervelend, dat snap ik, maar wel de beste en meest veilige manier. Ik zie ook wel dat je geen hufter bent, maar ik wil die boete wel handhaven.” Dat wil zeggen: ze ontvangt inderdaad een boete van 380 euro, maar ze hoeft maar 190 euro te betalen. Het andere gedeelte is voorwaardelijk. ,,Je weet nu wat je in het vervolg zou moeten doen, dus ik verwacht nu ook betere keuzes”, voegt hij eraan toe. ,,Dat accepteer ik wel, ik heb het gewoon gedaan”, sombert Fay. De rechter gaat erin mee. ,,Het is zo’n verkeersovertreding die begrijpelijk is, maar het is gewoon niet goed.”

Kunst in kerk Prinsenbeek blijkt van Gerrit de Morée

PRINSENBEEK – ,,Dit is echt de hoofdprijs”, jubelt Marc Berends, adviseur erfgoed van de gemeente Breda. Onderzoekster Door Jelsma uit Hilversum noemt dit ‘een heel bijzondere’: drie kunstwerken in de Onze Lieve Vrouw ten Hemelopneming te Prinsenbeek blijken na onderzoek van Gerrit de Morée (1909-1981), boekillustrator en vooraanstaand beeldend kunstenaar. En een van de oprichters van kunstacademie Sint Joost.

De kerk en daarmee ook het werk van De Morée stammen uit 1963. Achter het priesterkoor is een reusachtig gestileerde duif zichtbaar, met een in het oog springend oog. Het symboliseert de vrede en de Heilige Geest. Links ernaast zie je een rond, kleurrijk mozaïek, ‘een voorstelling van de zon, het licht der wereld: Christus’, valt te lezen in de parochiegids van 1970. Ervoor een rond sculptuur; rechts van de duif eveneens een sculptuur, in de vorm van een boom of duivenrank. De beelden zijn volop geduid, de kunstenaar zelf wordt nooit genoemd.

Jelsma is religieus erfgoedspecialist uit Hilversum. Ze beet zich vast in het onderwerp na een oproep van kunsthistorica Bernadette van Hellenberg Hubar op social media. Jelsma, met verregaande interesse in kunst in naoorlogse kerken, zag het en werd getriggerd. Ze vond in het stadsarchief een oud kasboek van de parochie, met daarin een belangrijke aanwijzing: in 1964 werd 3500 gulden overgemaakt aan ene G. de Morée. Ze nam contact op met Patrick Horward, kleinzoon van De Morée. Die dook in het familiearchief en vond inderdaad schetsen van het werk.

,,Kunst in naoorlogse kerken is fragiel. De gebouwen worden vaak gesloopt, omdat de bouwstijl nog niet wordt gewaardeerd of omdat er geen herbestemming gevonden wordt. Daarmee gaat die kunst dus ook verloren”, legt Jelsma de noodzaak uit.

Dat het werk van De Morée niet als zodanig herkend werd, heeft meerdere redenen, denkt ze. ,,Zijn stijl ontwikkelde zich sterk en dit werk kenden we nog niet”, stipt ze aan. Bovendien: ,,De Morée maakte zowel binnen als buiten de kerk werk, de relatie daartussen is niet altijd gelegd. Dor de verzuiling werden dat ook twee verschillende werelden.”

De gemeente Breda had de vraagstelling in 2017 uitgezet. Al jaren is men bezig om alle kunst en gebouwen in kaart te brengen. Nog tweeduizend items zijn onbekend en worden onderzocht. ,,Deze stond hoog op het lijstje. Nu het bekend is, wordt het alleen maar leuker. Het is zo waardevol, de kerk stijgt in historische waarde”, klinkt Berends opgetogen. Het stond al zeker niet op een lijstje om gesloopt te worden, maar staat door de vondst nu nog steviger. ,,Er is weinig vergelijkbaars, het is echt bijzonder. De naam, de kunstenaar: wij hebben het nooit gezien of gerealiseerd, maar tegelijkertijd is hij alom bekend.”

Vorig jaar nog werd in Electron een monumentale wandschildering van De Morée gevonden. Middels een nog lopende crowdfunding wordt dit werk gerestaureerd.

Tegenvallend seizoen De Kuil in Prinsenbeek

PRINSENBEEK – Een wispelturige zomer met daardoor wispelturige openingstijden voor Zwembad De Kuil in Prinsenbeek. Met de start van het schooljaar sloot het buitenbad vorig week haar deuren. Vlak voor een warm weekend, maar op korte termijn waren er geen vrijwilligers of een badmeester te regelen. De Kuil mocht dit jaar zo’n 8000 bezoekers verwelkomen. Beduidend minder dan de 18.000 van vorig jaar.

Dit seizoen had De Kuil 58 potentiële openingsdagen, waarvan de deuren 26 dagen gesloten bleven. Dat had vooral met de laatste weken te maken, waarin de weersvoorspellingen vaak slecht waren. ,,Normaal zijn we een kwart van de dagen gesloten, het was gewoon een matig seizoen. Onder de 22 graden of bij neerslag blijven we dicht”, legt Richard van den Berg uit. De opening van het seizoen verliep alleraardigst, met de Ladiesfair en Kuil in Concert. ,,We mogen tijdens het seizoen twee evenementen organiseren; andere activiteiten moeten met water te maken hebben”, verklaart Van den Berg. Wel zag hij dat er veel meer gebruik gemaakt werd van de parkeerplaatsen. ,,Ik denk dat er meer publiek komt van verder weg.”

De deuren gaan dit jaar nog eenmaal open: op 21 september wordt hier de vierde editie van het PITT-festival georganiseerd.

Avondvierdaagse Prinsenbeek van start

PRINSENBEEK – Woensdagavond ving de Avondvierdaagse van Prinsenbeek dan ook echt aan, zij het als driedaagse. Dinsdag werd het loopevenement afgelast op last van de gemeente Breda door de dreigende weersomstandigheden. Toen werd pas om half zes het licht op rood gezet en was het aan de organisatie om de circa duizend deelnemers te verwittigen. ,,We hebben het direct op Facebook gezet, de lokale media nam het echt gelijk over. Achteraf bezien hadden we de twee en een halve kilometer nog gemakkelijk kunnen doen; het ging hier pas rond kwart voor negen echt regenen”, legt voorzitter Tjeerd Vissers van de Prinsenbeekse Avondvierdaagse uit. Van de duizend deelnemers verschenen alsnog tien man aan de start, die de afgelasting niet meegekregen hadden. ,,Dat viel inderdaad allemaal reuze mee, het vuurtje ging gelukkig snel.” Dag twee ging wél door, net als in Bavel. ,,Maar het kan dit jaar natuurlijk zomaar zo zijn dat er meerdere dagen afgelast worden, dat is nu echt afwachten. Het kan dit jaar zomaar in een flits voorbij zijn.”

Geen glijbaan in De Kuil, wel drie antieke strijkijzers

PRINSENBEEK – De twee kinderglijbanen uit de speelweide van zwembad De Kuil in Prinsenbeek zijn van hun plek. Verdwenen. Dat is niet voor het eerst. Twee jaar geleden werden de speeltoestellen simpelweg aangetroffen in het ondiepe water van de recreatieplas, waarschijnlijk door toedoen van kwajongens. Het afgelopen seizoen bleef het water tot zeker eind september warm; misschien zijn ze dan wel in de diepere wateren gegooid? Zaterdagochtend ging duikteam Dusky uit Breda eens een kijkje nemen in dat diepere water.

Met twaalf man sterk togen ze het water in, om er na anderhalf uur weer uit te komen. Zonder het gehoopte resultaat, maar wel met enkele zakken met troep. ,,We hebben een kwart van het oppervlak afgetast, de meest logische plekken bekeken. Ik vermoed dat ze hier niet zijn”, concludeerde kersvers Dusky-voorzitter Pieter Hendriks. Hendriks en zijn team willen dit soort acties vaker in Breda en omgeving doen en de wateren van de stad op die wijze opruimen.

De Kuil wordt beheerd door vrijwilligers en onderhouden door de gemeente. Het diepste punt is zo’n zestien meter, de duikers kwamen tot een kleine zes meter. ,,We hebben de omgeving hier alvast schoongemaakt voor het nieuwe seizoen”, legt Harry Baan van het bestuur van de plas uit. ,,Vaak halen de eerste zwemmers spullen uit het water. Zo’n duikteam komt hier niet jaarlijks.”

Om half 12 verlaten de duikers het water weer. ,,Was jij die stofwolk nou net, of was dat een vis?”, vraagt een duikster zich af als ze boven water komt. ,,Het was helder beneden, we hebben onze lampen niet hoeven gebruiken. Ik heb geen vissen gezien, wel heel wat mosselen en rivierkreefjes”, vertelt Hendriks.

Maar vooral werd er afval uit het water gehaald. Blikjes en flesjes. Zwemvliezen, een duikbril. Een schapje, een balletje, enkele golfballetjes. Een parasol en, waarschijnlijk de verrassendste vondst zaterdagmorgen, drie oude strijkijzers. ,,Die zet ik bij mijn andere trofeeën”, grijnst een duiker. Maar van de glijbanen geen enkel spoor. Ontvreemd, zo lijkt het. ,,Als dat zo is lijkt me dat een gedoe geweest, een gezeul”, verzucht Baan.

Met je brakke hoofd de kroeg weer spik en span maken

PRINSENBEEK – ,,Iedereen is vandaag nog brak. De één door het vele bier wat er de afgelopen dagen ingegaan is, de ander door het werken tot middernacht. Dat brakke schept een band”, glimlacht Winny van Dongen van café Marktzicht uit Prinsenbeek. Zo’n dertig man vooral personeel maken het café en restaurant deze dagen weer spik en span, opdat deze zaterdag weer open kan.

Rob van Leijsen stapt rond half 11 ’s morgens de kroeg binnen: kort daarvoor kreeg hij een telefoontje dat het jasje van zoon Hidde in het café was gevonden. ,,Kwijtgeraakt bij de kinderoptocht. Hij had een warm pinguïnpak aan, dus we hadden het niet gelijk door. ’s Avonds ben ik nog naar Marktzicht gegaan in de hoop dat deze gevonden was, maar helaas. Maar gelukkig wisten ze deze vermissing nog”, klinkt het opgelucht.

Vooral jassen en pinpassen werden gevonden; telefoons kwamen altijd diezelfde avond nog bij de rechtmatige eigenaar terecht. ,,Dinsdagnacht gingen we om één uur dicht, om twee uur was het leeg. Dan gaat de carnavalsvloer er direct uit”, legt Van Dongen uit. Het vuil, zoals bekers en ander afval, worden er uitgeveegd. Buiten staat een afvalpers; de hoeveelheid is aanzienlijk. ,,En de kans dat er verloren oorbellen in de vuilcontainer liggen is niet uitgesloten, we kunnen niet anders dan alles er gewoon grof uitvegen.”

Woensdagmorgen begonnen de dertig de kroeg verder uit te mesten. Alle betimmering en platen die er speciaal voor carnaval staan worden schoongespoten en naar de opslag gebracht. De ramen worden gezeemd. ,,’s Avonds gaan we met z’n allen uit eten. Dan komen de carnavalsverhalen. Dat schoonmaken geeft een enorme verbondenheid”, weet Van Dongen. Ze kijkt terug op een bijzonder geslaagd carnaval, waarbij opvallend weinig schade aan het café is toegebracht. ,,Er is een plafonnetje beschadigd, het is goed te overzien. De sfeer was dit jaar echt fantastisch.”

Bij de slagerij naast het café wordt warm water afgetapt -de boiler van Marktzicht trekt die hoeveelheden niet. Een tuinbedrijf zet een vrachtwagen in om alle spullen naar de opslag te brengen. ,,Zoals dat gaat in Prinsenbeek, we helpen elkaar.” Donderdag wordt de originele vloer teruggeplaatst, vrijdag is het de beurt aan het meubilair. Zaterdag is het business as usual.

Prinsenbeekse helden van weleer herdacht

Mensen die het dorp smoel geven. Door ieder gekend worden. Geliefd zijn door hun verdienstelijke bijdrage aan de samenleving.

Kees Nagelkerke bladert door zijn Prinsenbeeks Toetenboek. Onderschrift: ’58 herkenbare dorpsgenoten van toen en nu’. Hij bracht het boekje in 1997 uit. Inmiddels zijn 36 van hen niet meer onder ons. Zij worden zondag middels een expositie herdacht.

,,Janeke de Vries”, grijnst Nagelkerke. Adriaan de Vries was volgens hem en voorzitter van Heemkundigekring Op de Beek Ad van Melis dé dorpsfiguur. ,,Hij had de bekendste snor van de Beek. Echt iedereen kende ‘m. Het was ook zo’n enorm aardige vent. Hij hield van een borreltje en moest echt naar huis gestuurd worden. Maar hij deed ook veel. Ging met een collectebus rond, zette zich altijd in voor het goede doel.”

Of Piet de Nijs, die de tekst schreef voor het Beekse volkslied. En Bikse Praot, waarin hij het Beekse dialect vereeuwigde. ,,Hij schreef veel muziek. Voor carnaval. Hij maakte ook het afscheidslied, toen Prinsenbeek zijn zelfstandigheid verloor.”

Van Melis kijkt even peinzend naar het portret van De Nijs. ,,Zo’n leuke vent, zulke mensen moeten helemaal niet dood gaan.” Of Theo Gelens. ,,Een helper, hij stond altijd klaar. Hij zat jaren bij de vrijwillige brandweer. Was dertig jaar lang opperplisie bij de BAK; het was een man die als je ‘m ontmoette nooit meer vergat. Prinsenbeek had zóveel aan hem, omdat hij zich nooit tegen liet houden.”

Nagelkerke en Van Melis noemen nog historicus Herman Dirven, Theo Schipper, wethouder Rien van der Westen, Paula Kavelaars. Maar ook de nog springlevende Kees Oomen. ,,Die is nu eind 50 en was dus eind 30 in het boek. Hij deed al van jongs af aan van alles. Was de man van de Katholieke Plattelands Jongeren, de Avondvierdaagse, Winterwonderbeek, Prins Carnaval. Hij vangt met carnaval de jeugd op en dat is een flink karwei hoor. Maar ze luisteren naar ‘m, het is ook zo’n geweldige vent en iedereen kent ‘m.”

Ja, een dergelijk fotoboek is nu nog te maken, denken de twee. Er is anno 2019 een generatie van zeker vijftig kartrekkers te bedenken die Prinsenbeek mede springlevend houden, de initiatieven staan verre van stil. De expositie ‘Bekende Bekenaren van weleer in beeld’ is zondagmiddag 3 februari gratis te bezoeken in museum De Rijf aan de Brielsedreef.

Jason maakt droom waar en presenteert single in Prinsenbeek

Jason maakt droom waar en presenteert single in Prinsenbeek

PRINSENBEEK – De 15-jarige Jason van Elewout staat op enkele meters voor het podium van café D’n Hans in Prinsenbeek. Hij filmt optredend artiest Carlo van den Bliek en zingt luidkeels mee met zijn teksten. Die filmpjes zet hij gelijk op Facebook. ,,Hij weet ook precies wanneer wie optreedt en plaatst dat ook. Hij promoot andere artiesten en heeft een flink bereik”, zegt Van den Bliek daarover. Later deze middag is het zijn moment. Dan presenteert hij zijn single ‘Wat is het leven toch mooi’. ,,En als hij zingt dat het leven mooi is: dan meent hij dat. Dat positivisme is puur”, vertelt kroegbaas Henk Prins.

Jason kampt al zijn hele leven met het chargesyndroom. Bij hem uit zich dat in een hartaandoening en een hazenlip. Van dat hart heeft hij eigenlijk zelden last. ,,Hij ging in de Efteling altijd gewoon in Joris & De Draak. Op vakantie in Turkije ging hij eens in een simulator zitten die blijkbaar wel erg heftig was. Toen kreeg hij veel last; sindsdien mijdt hij achtbanen”, vertelt zijn vader, Hein van Elewout.

Jason gaat naar een logopedist. En eens in de zes weken naar het Sophia Kinderziekenhuis voor zijn gebit. Maar: ,,Jason roept altijd dat hem niets mankeert. Het zit ‘m namelijk niet in de weg. Het is zo’n ontzettend positief jong”, vervolgt zijn vader. Al bijna zijn hele leven -al elf jaar lang- is hij ambassadeur van Stichting De Opkikker. Ook in die hoedanigheid treedt hij veel op.

Zingen is zijn grote passie, het Nederlandstalige lied zijn favoriet. Bij een Nederlandstalige avond  vraagt artiest Nelis Leeman hem ook het podium op. Het valt in de smaak, ook bij de andere artiesten.  Hij kent alle teksten uit het hoofd en valt op door zijn positieve, vrolijke uitstraling. Nu gaat hij wekelijks met zijn vader naar D’n Hans en als Kevin Nuijten daar vorig jaar diens cd-presentatie geeft, springt Jason wederom het podium op om een duet met hem te zingen. Tot ontroering van kroegeigenaar Prins. ,,Hij brengt iets dat me raakt. Het greep me, hoe dat ventje daar stond. Zo positief en hij bracht alles met zo’n overtuiging.”

Jason staat regelmatig op dat podium en Prins zamelt bij zijn gasten geld in om een single te maken. Zijn stamgasten doneren liefdevol en ook sponsoren doen een duit in het zakje. Songwriter Carlo Verkooijen schreef het nummer, dat zonder meer over Jason gaat. ,,Ik was ontroerd, ik had echt enorm kippenvel toen ik het voor het eerst hoorde”, vertelt fan Rinus Kroeze uit Sprang Capelle, die regelmatig naar D’n Hans afreist. ,,Jason voelt als een soort zoon van me. Kijk nou naar hem: hij is zo vrolijk en onbevangen.”

Jason zelf ziet café D’n Henk als zijn tweede thuis. ,,Het is hier gewoon fijn. Fijne mensen, mooie muziek, ik ken ook iedereen.” Uiteraard hoopt hij op meer optredens, dankzij deze single.  ,,Als je je bedenkt dat alle artiesten hier vandaag belangeloos staan om Jason te steunen, zegt dat toch genoeg. Iedereen gunt het hem. En ik ook: ik ben oprecht trots dat ik Jason ken”, aldus Prins.

Op bezoek bij bomenkwekerij Poppelaars

Op bezoek bij bomenkwekerij Poppelaars

,,Mensen rijden hier regelmatig voorbij, zonder te weten wat wij eigenlijk precies doen. Ik denk dat het daarom wel eens leuk is om een open dag te houden”, legt Martijn Poppelaars uit. Bomenkwekerij C.A.M. Poppelaars is één van de drie Prinsenbeekse agrarische bedrijven die zondagmiddag open dag houdt. Aardbeienkwekerij Van Haperen en melkveehouderij Vincenten zijn de andere twee.

ZLTO Breda organiseert jaarlijks zo’n open dag in Breda en omgeving. Vorig jaar was deze in Bavel, ditmaal dus in Prinsenbeek. Het bedrijf van Poppelaars ligt aan de Weimersedreef en beslaat liefst 35 hectare. Hele rijen van zo’n 200 meter met kleine boompjes, dus haast tot zover het oog reikt.

Het is al vroeg druk met bezoekers. ,,En dat is leuk. Leuk om te vertellen over ons werk. De een heeft werkelijk geen idee, de ander zoekt juist specifieke informatie.” Bij Poppelaars groeien momenteel vooral beuken, coniferen, taxussen. Vooral bedoeld voor de Oost-Europese markt -zo’n 70%, waar het gebruikt wordt om hagen mee te maken. ,,Die zie je in Nederland niet zoveel meer, daar is zo’n heg nog onverminderd populair.” Op de diverse machines staat kort uitgelegd wat er mee gedaan wordt en dat blijkt niet gering. Vele tienduizenden bomen worden per jaar door Poppelaars verkocht. ,,We zitten hier sinds 1980, langzamerhand neem ik het van mijn vader over. Er zijn wat magere jaren geweest, maar momenteel gaat het weer heel goed”, legt Poppelaars uit. Hij was verheugd toen het afgelopen week regende. ,,Maar het was écht veel, halverwege de neerslag was het eigenlijk wel genoeg. Het slootje dreigde te overstromen, het was echt wel even heftig”, en hij wijst daarbij op de wat modderige ondergrond.

Hij ontwaart een kreeftje in het slootje. ,,Ha, dat zie je ook niet iedere dag. Dat duidt er toch op dat het schoon water is. Ja, dat vind ik dan wel weer mooi om even tussendoor te zien.”

Bij Poppelaars groeien jaarlijks zo’n 10 tot 15 planten per jaar. ,,En dat is elk jaar weer anders. Maar dit is wat wij doen: wij kweken bomen.”

Breda – Prinsenbeek en terug

Breda – Prinsenbeek en terug

,,Wat wil je te snoepen hebben, lieverd?”, vraagt een oma vertederd aan haar kleindochter. Ze tilt het vierjarige meisje op, zodat ze in alle rust het assortiment kan bekijken. Oma blijft trots en vertederd naar het meisje kijken, maar het meisje kijkt niet naar het snoep, maar kijkt mij met grote ogen aan. ,,Zeg maar tegen de meneer wat je wil snoepen”, spoort oma het meisje aan. Deze reageert niet, haar grote ogen blijven op mij gericht.

,,Ze wilde zó graag eens met de trein mee, dus ik dacht net: waarom ook niet?”, legt oma uit. ,,Wij wonen zelf in Prinsenbeek en ze logeert vannacht bij ons. Dus nu treinen we even van Prinsenbeek naar Breda en weer terug.” Het meisje is alweer afgeleid en kijkt nu, vanuit haar hoge zetel op mijn balie, uit over het perron en naar de sporen. Oma hakt de knoop daarom maar voor haar door: ze koopt een chocoladereep.

En ze vervolgt. ,,Ze heeft de hele reis foto’s en filmpjes gemaakt met mijn telefoon. Volgens mij zijn het vooral plaatjes van de achterkant van stoelen, want echt naar buiten kijken deed ze toch niet. Ze was vooral onder de indruk van de mensen in de trein en van de geluiden die ze hoorde.” Het meisje kijkt me weer met grote ogen aan, oma bemerkt dat ze heel stilletjes is. ,,Volgens mij is ze hartstikke moe van alle opwinding. Maar over vijf minuten gaat de trein weer terug naar Prinsenbeek en gaan we weer naar huis. En dan ga jij lekker naar bed”, en oma prikt liefkozend met haar vinger op het borstje van het meisje.

Ze giechelt. ,,Een stukje chocolade, met de trein mee geweest én iets te laat naar bed: papa en mama zullen wel heel blij zijn met zo’n oma!”, knipoogt ze, terwijl ze haar kleindochter weer van de balie tilt.