Wetenschappelijke koffie

Wetenschappelijke koffie

,,Doet u mij maar twee normale koffie”, vraagt een man op vriendelijke toon. Ook dan is er nog een keuze te maken: zowel filterkoffie als koffie lungo staan op de lijst. De verschillen tussen de twee zijn eenvoudig uit te leggen. Allereerst is de lungo een stuk sterker. De filterkoffie is daarentegen wat groter en ietsje goedkoper. De man kijkt me met enige twijfel aan en laat de informatie bezinken.

,,Ik zou het werkelijk waar niet weten… Weet u wat? Doet u mij maar één koffie lungo en één filterkoffie”, besluit hij. ,,Voor mij maakt het niet uit en ik ben gewoon benieuwd naar de verschillen.” De man wrijft in z’n handen en betaalt voor z’n bestelling. ,,Want tja, ik ben immers niet voor niets wetenschapper van beroep, dus wil ik de verschillen zoals jij ze nu schetst ook echt proefondervindelijk ervaren”, grijnst hij.

Al snel staan de twee bekers koffie voor ‘m. De man observeert deze geduldig. ,,Op de filterkoffie zit geen schuimkraag, op de lungo wel”, merkt hij op. Hij roert even in de lungo.  ,,De kleur is ook volstrekt verschillend bruin.” Vervolgens ruikt hij aan beide koffies. ,,Geur, ja, ik ruik een verschil maar kan nog niet opmaken wat mijn voorkeur zou zijn”, overweegt hij. Nu neemt hij een klein slokje van beide koffies. ,,Ik zou denk ik kiezen voor de lungo, maar dat laat ik straks aan mijn vrouw over. Benieuwd wat voor verschillen zij opmerkt.”

Vermakelijk is deze spontane wetenschappelijke benadering absoluut.. ,,Eigenlijk zou ik hier wel een rapportje van willen zien. Inclusief tabellen en grafieken”, merk ik ook op. De man denkt kort na. ,,Hoe zou ik dat dan vorm moeten gaan geven vraag ik me af… Daar ga ik over nadenken, onder het genot van, nou ja, dit dus.”

perrongeluk

Schoonmaak

Schoonmaak

Een man en een vrouw van ergens in de 50 komen bij me en bestellen koffie. Zij een cappuccino, hij een koffie. Terwijl hij suiker en melk in z’n koffie doet, stoot hij z’n koffie per ongeluk om. De volledige inhoud belandt op de ‘vensterbank’ en tegen de ramen van de winkel en uiteraard sijpelt een deel ook op de grond.

Argh! Verdomme… Mag ik alstublieft nog een koffie van u en doe ook maar een schoonmaakdoekje“, vraagt de man licht geërgerd. Hij wil me opnieuw betalen, maar dat geld sla ik uiteraard beleefd af.

In eerste instantie weiger ik ook het doekje te geven, maar hij staat erop. Fanatiek begint ie schoon te maken. Met beleid veegt hij de geknoeide koffie in z’n lege bekertje, wringt het doekje ook uit boven het kopje en gaat weer verder, tot de koffie weg is. Hierna begint ie te boenen. Voorzichtig veegt ie ook over de ramen en het lukt ‘m om met het toch vieze doekje de ramen zonder vlekken schoon te krijgen. Optisch, dan. “Straks moet je het zelf denk ik nog even met een sopje echt goed doen, maar nu lijkt het in ieder geval schoon“, lacht ie. Tevreden kijkt hij naar de schone vensterbank, terwijl ie voorzichtig suiker en melk in z’n nieuwe koffie gooit.

Z’n vrouw kijkt de hele tijd zichtbaar geamuseerd toe. Af en toe kijkt ze me aan en schudt ze gespeeld verbaasd ‘r hoofd. “Al twintig jaar getrouwd met ‘m en pas vandaag kom ik er achter dat ie dit gewoon ook kan“, lacht ze, “’t is toch ongelofelijk!

perrongeluk

Als enige geen koffie

Vier dames komen bij me en alle vier hebben ze een kortingsbon in de hand. De eerste drie hebben de kortingsbon ‘warme drank + appelflap voor €2,50’. Ik heb op dat moment slechts drie appelflappen klaar liggen, maar de vierde vrouw heeft gelukkig een ander bonnetje: ‘een saucijzenbroodje voor €1,-‘. Mooi, hoef ik geen rare capriolen uit te halen.

Waarom krijg ik nou weer geen gratis koffie?“, vraagt ze direct op boze toon. “Zij hebben nu koffie en ik niet!” Een verwijt die ik zelf niet zo zag aankomen. Ik laat haar de kortingsbon zien die zijzelf inleverde en ook die van de andere dames en leg uit dat ze gebruik heeft gemaakt van een bonnetje zonder koffie. Uiteraard toon ik haar de koffielijst en leg haar voor dat ze er natuurlijk ook een kan kopen. “Ach joh, doe niet zo goedkoop en geef gewoon een gratis koffie joh“, zegt ze nijdig.

Nou ben ik meestal best bereid om buiten de lijntjes te kleuren. Door nogmaals zo’n ‘warme drank + appelflap voor €2,50’ te scannen, bijvoorbeeld. Prima, kleine moeite, geen enkel probleem. Als je zoiets gewoon normaal, vriendelijk vraagt: je krijgt echt wel wat bij me gedaan. Klantvriendelijkheid staat ook bij mij gewoon hoog in het vaandel. Maar als je direct boos wordt en direct in de aanval gaat, blijf ik uiteraard wel vriendelijk, maar heb ik wel de neiging om perfect binnen de lijntjes te blijven kleuren. “Mevrouw, waarom wordt u nu direct zo boos? Wat heb ik nu precies verkeerd gedaan?“, probeer ik vriendelijk te blijven. “Ach, krent!“, roept ze en de dames lopen weg. Ik haal m’n schouders op.

Een man komt bij me en heeft ook een bon ‘warme drank + appelflap voor €2,50’. Ik vertel ‘m dat de appelflappen reeds in de oven liggen en dat deze over 5 minuten klaar zijn. “Prima! Drink ik eerst m’n koffie en daarna een lekkere ovenverse appelflap, klinkt als een prima plan!“, reageert ie vrolijk. De man neemt plaats in een zitruimte tegenover me. Ik zie dat de vier dames daar ook zitten. De man neemt plaats bij twee andere dames; de zitruimte zit gezellig vol.

De appelflap is klaar en ik heb even geen klanten. Ik besluit de man niet te gebaren dat de flap klaar is. Nee, ik besluit ‘m de appelflap te brengen. Da’s misschien overdreven vriendelijk, bedenk ik me, maar ook grappig om te kijken hoe de boze vrouw zal reageren. Een klein beetje provocatie, zonder dat ik iets fout doe. Een spiegel, zonder hele directe link naar haarzelf en dus niet direct belerend. Perfect. Ik heb er direct plezier in.

Ik loop erheen. De appelflap verpakt in een zakje, een servetje erbij. De dames kijken me aan, nippend aan hun koffie, de vrouw mokt opzichtig in een hoek en wacht tot ze weer weg kunnen. “Kijk meneer, uw appelflap, recht uit de oven!“, en ik geef de flap aan de man. “Wauw, wat een service zeg! Echt, hartstikke lekker, fijn!“, reageert de man blij en oprecht verbaasd. “Netjes hoor, dat zie je niet vaak“, is ook een van zijn metgezellen enthousiast. De dames glimlachen vriendelijk naar me. “Ach meneer, u reageerde zojuist zo vrolijk en vriendelijk, dan zet ik graag een extra stapje voor u“.

Ik kijk de boze vrouw kort recht in de ogen. Onweer. Ik grijns. Triomfantelijk loop ik terug, me heel goed beseffend dat ik best een kwal ben.

perrongeluk

De kraskaart

Een vrouw van ongeveer 50 komt  bij me en bestelt een koffie. Ze ontvangt bij de koffie een kraskaart: drie gelijke symbolen is een prijs.

Ze neemt de kaart aan en doet ‘m in haar tas. “Die ga ik straks in de trein eens openkrassen!“, roept ze enthousiast en met een twinkeling in haar ogen. Leuk, ik voed dat enthousiasme: “ik zie nu direct voor me dat u gaat zitten, dat kraskaartje voor u neerlegt en fanatiek met een muntje sat kraskaartje gaat krassen…

Ze vult aan: “… En dan win ik natúúrlijk een prijs en juich ik heel hard, hoeraaaa! En dan geef ik elke medereiziger een knuffel!“, roept ze met toenemend enthousiasme. “U gaat daarna gewoon in de polonaise door de trein en…“, begin ik, maar ze onderbreekt me direct: “… Er dwarrelt confetti naar beneden, ballonnen, er klinkt muziek en uiteindelijk trek ik aan de noodrem en vier een feest midden in een weiland met alle reizigers van de trein!

We kijken elkaar aan, zoekend naar verdere overdrijving. De stilte duurt te lang. “Maar waarschijnlijk ga ik zo gewoon op m’n stoel zitten, kras de kraskaart open en bij winst zal ik stilletjes en onopvallend juichen en gewoon rustig m’n koffie opdrinken“.

perrongeluk

Bolivia

Een mevrouw bestelt een koffie en legt twee muntjes van één euro op de balie. Mijn inmiddels geoefende oog ziet dat één van die muntjes geen euro is. Nadere bestudering leert dat het een Boliviaanse munt is.

Nou en, da’s toch gewoon een euro, er staat een 1 op en hij lijkt toch in alles op een euro?“, sputtert ze tegen, “en de euro komt ook uit andere landen, da’s het hele idee van de euro toch?“. Ze meent het, ook als ik aangeef dat de euro een Europese munt is en Bolivia toch écht in Zuid-Amerika ligt. “En ik heb het muntje gewoon gekregen in een winkel, dus is het gewoon een betaalmiddel. Echt raar dit“. Geërgerd en protesterend om zoveel onrecht, geeft ze een andere, échte euro. “En ik wil m’n koffie“, zegt ze boos. “Uiteraard“, zeg ik, “een koffie, gemaakt met koffiebonen uit Bolivia!

perrongeluk

Nuts

Heeft u ook een Nuts?“, vraagt een oude dame aan me. “Die hádden we onlangs nog wel“, vertel ik haar, “dus misschien…“, en ik kijk naar het rek waar de Nuts in dat geval zou moeten liggen, “hebben we ze nog“. Ik kijk rond, ik check de voorraad, ik kijk naar andere plekken, maar de Nuts is op. Dus benoem ik wat alternatieven: “we hebben eventueel wel Snickers, da’s ook met nootjes én bovendien in de aanbieding, of Lion… Twix… Mars…, Bros, Kitkat… wellicht zoiets?“, en ik draai me om. Een jongen kijkt me glazig aan. “Eh, ik weet niet waar je het over hebt, maar ik wilde eigenlijk gewoon een koffie…”

Vijftig meter verderop steekt de vrouw een sigaret op.

perrongeluk

De Jamaicaan

Een man met lange rastaharen komt gehaast mijn richting op. Hij lijkt op de gemiddelde Jamaicaan zoals we die van tv kennen, alleen is deze man wat minder kleurrijk gekleed. M’n onderbuik zegt dat ik op m’n hoede moet zijn, hij heeft wat ‘engs’, geen idee waarom. “Beltegoed. Vijf euro. GT Mobile”, zegt ie kortaf. Ik bied m’n excuses aan, we verkopen alleen beltegoed van tien of twintig euro.

“Fuck. Maar heb ik. Kun jij het beltegoed erop zetten?”, vraagt ie vriendelijk. Na m’n toezegging lacht ie z’n tanden bloot. “Chill, gaat altijd verkeerd bij me haha”. Ik bel GT Mobile, het Engelstalige bandje is slecht te verstaan. “Ik versta die stem nooit weet je, wat zegt ze nou…”, begint ie. Ik onderbreek ‘m gebarend, als ie er doorheen praat versta ik het bandje écht niet.

We worden onderbroken, een meisje wil wat bestellen. “Dames gaan voor”, gebaart ‘de Jamaicaan’ en ik leg z’n telefoon aan de kant. Als ze klaar en weg is, waag ik een nieuwe poging. “Ik stelde voor haar cappuccino te trakteren, wilde ze niet. Jammer, leuk meisje wel, hoewel ik niet van koffie hou en… Oh ja, Sorry”, als ie ziet dat ik wederom stilte vraag.

“Ah, het lijkt nu te lukken, nog even luisteren wat ze zegt”, geef ik de voortgang van het proces aan, met m’n vinger tegen m’n lippen. “Chill! Wat zegt het bandje nou? Fuck, waarom wilde ze m’n koffie niet aannemen man, ik had het geld al in m’n hand en…” Ik ben het beu. “Stil nou even”, zeg ik bitser dan bedoeld. Hij kijkt geschrokken en houdt zich stil. Sterker, hij houdt als volleerd toneelspeler z’n beide handen voor z’n mond. Maar het is gelukt. Tien euro vers beltegoed, ik geef ‘m z’n telefoon. “Thanks, sorry dat ik bleef ouwehoeren, ik… Nou ja, dank je!” en met een grote grijns biedt ie me een boks aan, die ik uiteraard met een boks beantwoordt.

Leuke vent wel, jammer dat dat GT Mobile bandje erdoorheen praatte.

perrongeluk

Gedicht: Koffiegeur

Als de trein vertrekt
Verrekt een verlate reiziger van de koude
Zou de koffiegeur die nu langs hem trekt
Hem verleiden of de handen in de zakken houden?

Hij kijkt me aan
En kijkt weer weg, naar het verder lege perron
Gelukkig met de waan
Dat achter de koude, de wolken, de zon

Zeker zal schijnen
En de tijd de wolken bedekt
En wanneer er een spoor van treinen
Perfect op tijd vertrekt

Volgende keer komt de reiziger op tijd
Neemt een koffie en zal met me praten
En als de trein dan wegrijdt
Is het perron gelukkig helemaal verlaten

Opdat de koffiegeur een niemandsland intrekt

perrongeluk

Wie is Wiske?

Vier erg vrolijke dames komen bij me en bestellen vier cappuccino. Ze hebben enorme lol en betrekken me daarbij. Gráág willen ze cacao over de cappuccino.

“Zal ik er een stripverhaal van maken!”, vraag ik verwijzend naar de vier witte cappuccino en het bruine cacaopoeder. “Met een knipogende Wiske als laatste plaatje!”, grapt een van de dames mee. Hard gelach, leuk.

Flauw, maar op één golflengte, dat is goed. Hoewel, na ontvangst van de cappuccino vraagt één der dames welke nu Wiske was. “Haha, het was een grapje, kutje!”, bijt de één haar toe. “Ha, Hennie snapt ‘m weer es niet!”

Er is ook altijd iemand de lul, óók bij 50+’ers.

perrongeluk

Koffiedeksel

Een vrouw koopt een koffie. Daar doen we standaard een dekseltje op, zodat de koffie langer warm blijft en je met een gesloten beker toch wat gemakkelijker loopt.

De vrouw wil echter suiker en melk in de koffie doen en ze probeert minutenlang de suiker door het minuscule gaatje (2x4mm) te friemelen.

De helft valt ernaast en met haar ene hand veegt ze de suiker in de andere en waagt een tweede poging. De melk gaat eenvoudiger, maar toch ook lastig. Hierna roert ze via dit kleine gaatje met een lepeltje. Ik kan deze onhandige methode niet meer aanzien en raad haar aan het dekseltje er even af te doen. Dat vindt ze een goede tip, die ze een volgende keer zeker zal toepassen.

Ik had zéker eerder kunnen ingrijpen, maar het was een te leuk schouwspel.