perrongeluk

Thuiskomst

Thuiskomst

Station Roosendaal. Een man loopt met z’n telefoon aan z’n oor door de winkel. Zonder enige twijfel pakt hij wat te drinken en een zakje snoep en zet de producten resoluut op de balie. Hij gebaart dat hij nog even wacht met afrekenen, keert z’n rug naar me toe en vervolgt z’n telefoongesprek.

“Ja, ik ben serieus! Ik ben nu in Roosendaal en mijn trein komt over tien minuutjes binnen, dus als alles meezit ben ik rond acht uur al thuis.”

(…) “Ja precies, dus dat moet ik zeker wel halen, veel leuker dan dat ik ‘m morgenochtend pas zie natuurlijk. Maar zit Bram nu ook bij je? Geef ‘m anders even, ik wil z’n stem natuurlijk eventjes horen!”

(…) “Hoi lieve Brammeman! Papa hier, hoe…”

(…) “Jaaaa, inderdaad! Papa komt ietsje eerder thuis. Dan ben je nog hartstikke wakker, dus papa komt natuurlijk nog wel eventjes naar boven om samen nog wat te lezen.”

(…) “Dat moet je even aan mama vragen, maar ik kom je sowieso nog een stukje uit De Gruffalo voorlezen.”

(…) “Natuurlijk doet Muis dan ook mee! En zullen we morgen gewoon gezellig naar de speeltuin gaan?”

(…) “Haha, aah, ja lieverd, ik heb jou ook heel erg gemist en ik hou ook heel heel heel erg veel van jou!”

(…) “Geef mama nog maar eventjes, ik ga jou straks natuurlijk nog knuffelen en De Gruffalo voorlezen!”

(…) “Goh, pfoeh, wat heb ik dat mannetje gemist… en jou ook. Maar lieverd, ik hang op, tot zo! We appen zo nog wel even als ik in de trein zit.”

De man bergt z’n telefoon op. “Zo, mijn excuses…”, verontschuldigt hij zich enigszins verbouwereerd. “Deze alsjeblieft. Ruim twee maanden voor werk naar het buitenland geweest. Ik kom nu net aan in Nederland, dus moest m’n iets vroegere thuiskomst natuurlijk wel even melden. Pfoeh… Over een uurtje zie ik ze weer, even bevatten…”

Aftasten

Zwijndrecht. Ik kijk uit op de incheckpoortjes en de kaartenautomaten. Een klein meisje speelt buiten bij die poortjes. Ze voelt eraan, ze springt eromheen, ze onderzoekt ze. Haar moeder houdt haar nauwlettend in de gaten en kijkt kort naar de winkel en naar mij.

“Daar staat een meneer, laten we even wat drinken gaan halen”, zegt ze opgetogen. De twee lopen naar me toe. De moeder loopt in het spoor van het meisje, dat zigzaggend voor de moeder uitloopt. “Een goedemiddag”, verwelkom ik ze. “Hoor je de stem van de meneer? Volg die maar”, zegt ze tegen het meisje.

Het meisje is blind. Onwennig loopt ze mijn richting op. Als ik nog een geluid maak, wijkt ze lichtjes af van haar looplijn en arriveert bij m’n balie. Ze legt haar handjes erop en’kijkt’ me recht aan. Ze glimlacht, maar haar helderblauwe ogen lachen niet mee, bewegen niet. De vrouw bestelt wat te drinken en vertelt dat ze samen ‘buiten onderzoeken’. Het meisje is 9 en zal later toch ook zelfstandig moeten kunnen zijn. Het meisje voelt intussen aan de balie en omgeving, duidelijk opgewonden en nieuwsgierig. Al snel gaan ze weer terug naar de poortjes en het meisje onderzoekt verder. “Daar zijn ze! Hoooiii, hier!”, roept de moeder. Een stel loopt de twee lachend en vrolijk tegemoet, de moeder verwelkomt ze eveneens hartelijk. Het meisje vestigt haar aandacht op een grote, witte blindengeleidehond, die ze hartstochtelijk knuffelt. Samen verdwijnen ze uit m’n zicht. Ontroerend.

perrongeluk

Dubieus

Een enigszins dubieus blogje.

Op enkele meters van mij vandaan staat een man met twee kinderen. Het oogt als een gezellig tafereel, de twee kinderen zijn uitermate schattig en de man heeft volop aandacht voor ze. De man stelt voor te trakteren op een ijsje voor de kinderen.

Of het allebei dochters van de man zijn, is de vraag. Het gaat hier namelijk om een blank en een heel donker meisje. Het blanke meisje wil graag een raket-ijsje, het donkere meisje twijfelt. De man kijkt me aan en zegt: “Ze is zwart, die zijn altijd wat trager hè”. Het meisje lacht uitbundig, wil ook een raketje en het gezellige, olijke drietal verlaat me weer.

Da’s toch enigszins dubieus, toch?

perrongeluk

Lolly

Een vader en moeder staan op het perron en hun twee kinderen willen wat snoepen. De ouders weigeren dapper in eerste instantie, maar de druk wordt ze te groot. “Ok, ik haal wat te snoepen, maar dat moeten jullie wel delen!”. De kinderen zijn blij en opgewonden.

Ze kocht een lolly.

perrongeluk

Chips

Een wat ordinaire twintiger rent met haar ongeveer 3-jarige, vreselijk schattige dochtertje het perron op. Met ferme passen loopt ze naar me toe, hand in hand met haar dochtertje, die dit tempo bijna niet bij kan houden.

“Oké Pris, welke chips wil je nou!“, snauwt ze haar dochtertje toe.
Het kindje kijkt me angstig en vol onzekerheid aan.
“Nou Pris, de chips staan dáár, schiet op, de trein komt er zo aan, welke chips wil jeeeee”
Het kindje kijkt paniekerig, weet écht niet wat er van haar verwacht wordt.
“Godskolere, nou, doe maar alle soorten die je hebt dannn…” Ik scan ze één voor één en vertel de prijs. Bits en zacht vloekend kijkt ze naar haar dochtertje, die beteuterd en onzeker naar me blijft kijken.

Moederlief stopt de zeven soorten chips gestresst in haar tas, pakt er een pakje sigaretten uit, steekt er één aan en met dezelfde ferme stappen als zojuist loopt ze naar de rookpaal. Met dochterlief er bungelend achteraan. Ach, zulks een treurnis.

perrongeluk

Vier Heineken

Een vader bestelt 4 blikjes Heineken.

Z’n vijf jarige dochtertje wil ook wat drinken, maar de vader weigert.

“Maar ik wil ook drinken, mag ik ook Heinenenofzoiets?”
“Nee”
“Wat is dat eigenlijk?”
“Dat mag jij pas over 10 jaar”
“Maar ik wil ook drinken”
“Nee. En hou op met zeuren”
Het kind begint te huilen, de vader oogt geïrriteerd. Tactisch ook niet handig aangepakt, me dunkt.

perrongeluk

Gehandicapt kind

Een erg vriendelijke, goedlachse moeder bestelt wat te eten voor haar en haar eveneens erg vrolijke zoontje. Het kereltje danst, zingt, schreeuwt en is erg blij. Tijdens mijn onderonsje met de moeder schreeuwt ie nog wat harder en danst nog wat heviger. Lachend zeg ik: “hij wordt gek!”. De glimlach van de moeder verdwijnt en nors zegt ze: “hij is dan ook geestelijk gehandicapt!”.

Verdorie. (De vlugge toevoeging dat ie wel erg schattig is, voorkwam erger. We hebben op hartelijke wijze afscheid genomen).