Bumperkleven

Deze Kantonrechter verscheen op 31 maart 2015 in BN DeStem.

Bumperkleven

Op 18 maart 2014 rijdt de 53-jarige Jaap op de A27 tussen Breda en Utrecht lange tijd erg dicht op de auto vóór hem op een snelweg. Voor dit bumperkleven staat de man terecht.

“Ik vrees dat ik me die hele autorit niet kan herinneren”, vertelt Jaap. “Toen ik de dagvaarding binnenkreeg, heb ik gelijk in mijn agenda gekeken wat ik die 18e maart gedaan heb. Op die dag ben ik inderdaad naar Utrecht gegaan, omdat ik op gesprek moest bij mijn werkgever. Ik zat toen al een tijdje flink overspannen thuis en ik wist dat dit gesprek daar over zou gaan. U heeft ongetwijfeld uit de media vernomen dat er nogal wat banen verdwijnen bij het Ministerie van Defensie. Na ruim twintig jaar trouwe dienst ben ik die dag inderdaad op straat gezet. Eerlijk gezegd vind ik het achteraf ook onverantwoord van het Ministerie dat ze van mij verlangden dat ik naar Utrecht zou afreizen in mijn conditie. Dat heb ik ook aangekaart, maar het was helaas een verplichting”, betoogt Jaap.

“Waarom bent u niet met de trein naar Utrecht gegaan?”, vraagt de rechter zich af. “Met mijn overspannenheid gaat het nu een stuk beter dan toen. Met het openbaar vervoer ben je ruim drie uur onderweg. De afhankelijkheid van het OV, de lengte van de reis, dat had ik echt niet aangekund op dat moment”, verklaart Jaap. “Op dit moment zit ik in de WW, ik ben al twee jaar ziek. Het is een zielig verhaal en u hoort de hele dag ‘zielige verhalen’, dus het is ook niet echt een argument”, relativeert Jaap somber.

“Goed. Wij kijken ook altijd naar het strafblad en naar de persoonlijke omstandigheden van de mensen die hier komen. U werkte bij het Ministerie van Defensie en daar kun je niet werken mét strafblad, dus die heeft u inderdaad niet. Maar bumperkleven is natuurlijk wel een strafbaar feit. Het is een verkeersovertreding waar ontzettend veel ongelukken uit voortkomen, dus daar moeten we echt streng in zijn. We zullen u dan ook moeten straffen. Wat prefereert u eigenlijk, een geldboete of een werkstraf?” vraagt de officier van justitie zich af.

“Ik weet niet of ik een werkstraf aankan, mentaal. Ik ga van deze zitting de komende dagen al flink last krijgen”, geeft een zichtbaar aangeslagen Jaap aan. “Goed”, begint de officier zijn eis, “dan wil ik u een geldboete van €500,- opleggen wegens bumperkleven. Dat mag wat mij betreft in twee termijnen betaald worden, gezien uw huidige financiële situatie. Ook zou ik willen zien dat u twee maanden voorwaardelijke rijontzegging krijgt.”

Jaap begrijpt het. “Ik heb mijn auto al verkocht, daar heb ik momenteel toch niets aan”, vertelt hij. Hij zit er duidelijk nog altijd flink doorheen en neemt een steeds teneergeslagener houding aan. De rechter volgt de eis van de offcier. “Het mag wat mij betreft ook in vijf termijnen van €100,-“, verzacht ze de eis enigszins, “en ik wens u natuurlijk heel veel beterschap.”

Onverzekerd rijden

“U bent op zaterdag 2 november 2013 rond half vijf ’s nachts aangehouden op de A27 bij Nieuwendijk. De auto waarin u reed bleek bij de controle niet verzekerd. Wat bleek, u rijdt vaker rond in een onverzekerde auto?”, houdt de rechter Bulca voor.

“Ik heb de auto van mijn buren geleend. Zij rijden er ook altijd zo in rond, dus snap het probleem eigenlijk niet zo”, reageert de man laconiek. “Nou ja, het probleem is dat dit niet de eerste keer is dat u bent aangehouden in een onverzekerde auto. U weet dus inmiddels dat dit gewoon niet mag. Juridisch is het zo dat ú verantwoordelijk bent in wat voor auto u rijdt”, legt de rechter uit.

De officier van justitie haakt erop in: “U moet het zo zien. Als u met deze auto een ongeluk veroorzaakt, is dat een groot probleem. Stel, er vallen slachtoffers. Dat kan vele duizenden euro’s schade opleveren. Wie gaat dat betalen?”

De heer Bulca valt even stil. “Ik heb al een tijdje geen auto meer, maar ik heb wel m’n rijbewijs nodig. Ik kan haast niet lopen, ik heb suikerziekte”, vertelt de man gelaten. “Dan lijkt het me toch ook niet verstandig om te gaan rijden?”, verwondert de rechter zich. “Binnenkort word ik geopereerd. Hopelijk haalt dat iets uit.”

De officier van justitie vindt het helder: “Het is een flinke overtreding en u hebt ‘m vaker begaan. Een rijontzegging van twee jaar en een boete van €600,- lijkt me een gepaste straf.”

De man breekt direct en begint met een stemverheffing te praten. “Waarom! Jullie willen mij in het diepe gooien! Ik word gék zo! Ik zit diep in de shit, psychisch gaat het ook shit. Ik wil scheiden van m’n vrouw, ik heb problemen met de hele familie en nu wéér zo’n hoge boete? Wat willen jullie nou?”, huilt de man haast.

“Waarom blijft u dan in een onverzekerde auto rijden?”, vraagt de rechter zich af. “Omdat ik geen 40 kilometer wil en kan lopen en daar wél moet zijn!”, legt de man uit. “Maar u weet dat u dan toch een overtreding begaat? Dan veroorzaakt u toch zélf de boete?”, blijft de rechter rustig. “Ik heb al genoeg boetes gehad voor dit. Hou ermee op! Zoveel boetes voor één ding gaat te ver! U ruïneert me!”, foetert Bulca.

“Ik beloof u. Echt, ik beloof u, dit was stom van me. Ik zal het nooit meer doen!”, voegt hij er smekend aan toe. “U heeft nu diverse keren in dezelfde auto gereden en diverse malen aangehouden. Voor elke keer dat u de overtreding maakt, betaalt u een boete. Ik zal u dit keer geen boete geven, maar een werkstraf van 40 uur. En een advies: vanaf nu rijdt u alleen nog maar in verzekerde auto’s. Wij pesten u niet, u bent verantwoordelijk voor uw eigen daden.”